sluiten Cookies

Stel uw persoonlijke cookie-instellingen in. Hou er rekening mee dat bepaalde onderdelen van NieuwsVallei.nl niet of niet optimaal zullen functioneren als u cookies blokkeert.
Lees ons cookie statement voor meer informatie.

Cookies toestaan Cookies niet toestaan

Vrouwelijke imam: ‘Ik kan me geen leven buiten de moskee voorstellen.’

Achter een hoog en groen hek bevindt zich een gebouw dat op een synagoge lijkt. Tussen de hoge pilaren hangt e en daarmee lijkt de naam het Joodse gebouw uit te sluiten. Tussen de hoge pilaren die het dak dragen hangt een spandoek waar in goud de naam ‘Mescid-l Aksa Camii’ geschreven staat. ‘De synagoge’ ligt midden in de China Town in Den Haag. Het gebouw is omsloten door een hoog, donkergroen hek.De deur staat open en een vrouw met hoofddoek begroet ons vriendelijk. ‘Welkom dames, willen jullie even binnen kijken? Dat mag hoor! Maar dan moet je wel even je schoenen uitdoen.’ Zonder reactie af te wachten stapt ze uit haar slippers en op haar sokken loopt ze de zaal binnen.

De Arabische naam en het Joodse gebouw staan in contrast met elkaar. Dit heeft te maken met de geschiedenis van dit boeiende gebouw. In 1844 werd het gebouw ontworpen door architect Roodenburg en gebruikt als synagoge. Sinds de Jodenvervolging daalde het aantal Haagse Joden van 17.000 naar 2.000 joden en  daarom sloot de Synagoge in 1975 haar deuren. Toen in de jaren 70 het aantal moslims sterk toenam gingen enkele van hen in gesprek met de gemeente Den Haag om een tweede moskee te openen, maar dit leverde niets op. Daarom hebben zij in 1978 de oude synagoge bezet en in 1981 werd het uiteindelijk toch verkocht aan de Turks Islamitische Vereniging.

 De kleur van de vloerbedekking trekt direct de aandacht, de pilaren die buiten het dak lijken te dragen zijn ook binnen te vinden. ‘Elk vlakje op de vloerbedekking is een plek om te bidden. Op zaterdagen is het soms helemaal vol hier, dan zijn hier honderden mannen. Iedere dag zijn we open van 12 uur ‘s ochtends tot soms wel 00.30 uur ’s nachts. Dat komt omdat we vaak na de laatste keer bidden nog wat drinken buiten en praten over het geloof. Je kan hier bidden wanneer je wilt. Er zijn ongeveer vijf momenten verdeeld over een dag om te bidden.

In 2017 was er een vrouwelijke imam die het vrijdagmiddaggebed leidde. Daar was veel media aandacht voor en niet iedereen juichte dit idee toe. De enige bezoeker in de Mescid-l Aksa Camii moskee is een vrouw. Zij blijkt les te geven aan de vrouwelijke moslims die in de gemeenschap horen. Uit haar woorden blijkt het respect dat ze heeft naar de mannen, de toewijding naar haar geloof en de ijver waarmee ze zich inzet. En dit alles als vrouwelijke imam in de moskee.

'Ik ben een vrouwelijke imam.'

‘Respect is de belangrijkste waarde van mijn geloof. Uit respect moeten je schoenen uit in deze zaal, je moet zelf de regels en geschiedenis van de islam leren en uit respect letten we allemaal op elkaar. Als mijn buurvrouw bijvoorbeeld een baby’tje heeft gekregen, help ik haar met boodschappen en andere taken die dan moeilijk zijn voor haar.’ Op deze manier vind je in de moskee niet alleen religieuze bondgenoten maar ook mensen die buiten de moskee op je letten. ‘Zo zorgen anderen ook voor mij als ik het nodig heb en dat is heel fijn. Zonder de moskee leven kan ik mij niet voorstellen. Ik zou zo eenzaam zijn. Nu mag ik de hele dag met mensen zijn die als familie voelen, daar word ik heel gelukkig van!’

 ‘Ik ben al twaalf jaar actief vrijwilliger in de moskee en kom hier al achttien jaar om te bidden. Toen mijn kinderen wat groter werden kon ik meer tijd besteden aan mijn geloof en dat wilde ik doen door les te geven aan vrouwen. Voor mij betekent het geloof naast respect ook liefde voor je medemens. De grote sociale controle en het lesgeven is voor mij een manier om mijn religie uit te dragen in mijn dagelijks leven. Ik vergelijk mijn geloof altijd met de oceaan. De oceaan is groot, die kan ik niet bezitten. Maar een oceaan bestaat uit water net zoals een rivier, en die kan ik wel bezitten.’

Het geloof is voor moslims belangrijker geworden in de afgelopen tien jaar, zo blijkt uit onderzoek van het Sociaal en Cultureel planbureau. Het onderzoek richt zich vooral op Turkse en Marokkaanse moslims. De voorzitter van de moskee is een vrijwilliger. Hij kan zich vinden in de resultaten van het onderzoek. ‘Vijf jaar geleden was het een stuk minder druk hier. Nu moeten mensen af en toe buiten bidden omdat er binnen geen plek is, dat was vijf jaar geleden ondenkbaar. Ik ervaar het als een goede verandering. Zelf bid ik niet meer dan ik tien jaar geleden deed, maar ik ben wel blij dat anderen het geloof belangrijker vinden.’

 Dat het geloof van de moslims niet vaak in een positief daglicht staat kan Oguz zich niet in vinden. ‘Natuurlijk worden moslims vaak genoemd in de krant als zij zich met criminele zaken bezig houden. Ik vind het persoonlijk niet heel erg dat dit in de krant genoemd wordt, ik vind het erg dat zoveel jongeren het verkeerde pad op gaan.’ Zijn handen wrijft hij over elkaar heen en af en toe gebruikt hij ze om kracht aan zijn woorden te geven. ‘Ik ben erg gelukkig in de gemeenschap waar ik deel van uitmaak. Zoals u ziet gaan wij met respect met elkaar om en letten wij goed op elkaar. Ik zal nooit crimineel handelen uit naam van Allah omdat Allah voor liefde staat en niet voor haat. Moslims die dit wel doen hebben de woorden uit de Koran niet begrepen. Ik bid voor hen.’