sluiten Cookies

Stel uw persoonlijke cookie-instellingen in. Hou er rekening mee dat bepaalde onderdelen van NieuwsVallei.nl niet of niet optimaal zullen functioneren als u cookies blokkeert.
Lees ons cookie statement voor meer informatie.

Cookies toestaan Cookies niet toestaan

'Sex, drugs & Droevendaal'

WAGENINGEN - Wat in de jaren '70 begon als een noodhuisvesting, is uitgegroeid tot een plaats dat omschreven wordt als een ‘hippiecampus’. Volgens de omgeving zouden er in Droevendaal alternatieve mensen wonen, die graag zichzelf blijven en oog hebben voor de natuur en het milieu. De redactie van Nieuwsvallei ging op onderzoek uit en trok het stereotype beeld van het studentencomplex na. 

WAGENINGEN - Wat in de jaren '70 begon als een noodhuisvesting, is uitgegroeid tot een plaats dat omschreven wordt als een ‘hippiecampus’. Volgens de omgeving zouden er in Droevendaal alternatieve mensen wonen, die graag zichzelf blijven en oog hebben voor de natuur en het milieu. De redactie van Nieuwsvallei ging op onderzoek uit en trok het stereotype beeld van het studentencomplex na. 

“Op Droevendaal wonen hippies die de hele avond om een kampvuur zitten, oude nummers zingen terwijl er op een gitaar wordt gespeeld”, aldus Laura van Dijk, studente. Op de Universiteit van Wageningen is Droevendaal een begrip. Het studentencomplex is gevestigd in een weiland tegenover de universiteit. Het terrein huisvest ongeveer honderdtachtig Wageningse studenten. Studenten die graag samen optrekken, geen televisie hebben en genieten van het buitenleven. Kippenhokken, komposthopen en wat verrotte banken hier en daar zijn echte sfeerelementen op Droef. Een vijver waar een grote dromenvanger boven hangt en beschilderde paaltjes langs het pad, zorgen voor een vrolijke eerste indruk.

De woorden ‘hippie’ en ‘vegetarisch’ zijn bijna onvermijdelijk wanneer de studenten gevraagd wordt naar hun beeld van Droevendaal. Maar de realiteit wijst uit dat de Droevendalers zich niet over één kam laten scheren. De redactie deed onderzoek naar het stereotype beeld dat heerst over de wijk en checkte of de Droevendalers daar hetzelfde over denken. De vooroordelen bleken niet altijd te kloppen; zo denkt 60 procent van de ondervraagde studenten dat de meeste Droevendalers vegetarisch zijn. Van de ondervraagde Droevendalers is echter de minderheid vegetarisch.

Ook de Droevendalers werden onderworpen aan een vragenlijst over hun kijk op hun woonplaats. In de enquête geeft bijna de helft van de ondervraagde bewoners aan voor Droevendaal te kiezen, vanwege de natuur, de ruimte en de rust. Het merendeel van de ondervraagden studenten denkt dat velen op ‘Droef’ gaan wonen, vanwege de sociale contacten die ze daar opdoen. Als je de mening vraagt van willekeurige Wageningse studenten, associëren ze Droevendaal opvallend vaak met groen, drugs en hippie.

               “We blowen elke dag en in het weekend eten we paddo’s”

Drugs

Ook het drugsgebruik wordt onder de loep genomen. 79 procent van de studenten denkt dat Droevendalers regelmatig drugs gebruiken en niet iedereen waardeert dat. “Droevendalers zijn drugsverslaafde satanisten, die je dochters willen corrumperen”, vindt Stefano Oosterwolde, één van de respondenten. 47% van de ondervraagde Droevendalers geeft aan regelmatig drugs te gebruiken. “We blowen elke dag”, zegt Lisa van der Linde, één van de Droevendalers, “en in het weekend eten we paddo’s.”
 
Vogens Luc Steinbuch, de burgemeester van Droevendaal, mag er officieel geen wiet geteeld worden op Droef. “Toch wordt dat wel gedaan, al zolang ik hier woon," vertelt hij. "Bijna iedere barak heeft wel een paar planten achter in de tuin,” vervolgt Steinbuch. Dit wordt oogluikend toegestaan door de politie. 

‘Hippieness’ gehalte
In de enquête wordt ook gevraagd om het ‘hippieness’ gehalte van Droevendaal uit te drukken in procenten. De ondervraagde studenten vinden Droevendalers gemiddeld 67% hippie. Eén op de vijf Droevendalers steigert bij deze vraag en vult geen percentage in. “Ik ben het absoluut niet eens met deze hippiestigmatisering van Droevendaal. Er is geen duidelijke definitie. Je generaliseert teveel als je een studentengemeenschap met verschillende achtergronden in één hippiehokje wilt stoppen”, stelt Maarten de Winter in de enquête. Of hoe iemand anders het uitdrukt: “Het is zo dynamisch dat je het niet uit kunt drukken in een cijfer.” De Droevendalers die het wel ingevuld hebben, geven zichzelf gemiddeld een hippiegehalte van 51%. Waar de ene Droevendaler allergisch is voor het woord ‘hippie’, vindt de ander het geen enkel probleem om dit stempel op Droevendaal te drukken.

                                 “We konden doen en laten wat we wilden”

In gebonden anarchie

Dat Droef vaak gestereotypeerd wordt, komt niet uit de lucht vallen. Het ontstaan van Droevendaal verliep niet vlekkeloos. In 1977 worden de eerste barakken gebouwd als noodhuisvesting voor de Wageningse studenten. Het zijn vierentwintig barakken met elk acht kamers, geschikt voor in totaal 192 studenten. In 1982 bouwt de Stichting Studenten Huisvesting Wageningen nog eens vijftien barakken met elk zes kamers. Nu konden er 279 studenten wonen.

In de jaren die volgen, ontwikkelen de studenten het zo genoemde ‘Droevendaalgevoel’. Ex-bewoner Adriaan Kraaijeveld vertelt in het boek ‘In gebonden anarchie' over zijn studententijd op Droef. “Het gros van de bewoners was een beetje bezig met zijn studie, maar maakte relatief veel tijd vrij voor savoir vivre: Feesten, bardiensten draaien, volleyballen en genieten van het buitenleven.” Volgens Kraaijeveld zorgden de groene vingers van de Droevendalers, gecombineerd met een verslappend en versnipperd beheer ervoor dat het terrein steeds verder door de Droevendalers werd beheerd en heringericht. “We konden doen en laten wat we wilden. Dat legde de kiem voor het in gebruik nemen van het hele terrein.”

Destijds bestond het leven op Droef uit verschillende ingrediënten; zes tot acht bewoners, een kleine, gezellige keuken, een lage huur, buitenleven, gehorige kamers en een ligging ver van het centrum. Voor de één was dit een reden om te vertrekken, voor de ander juist een reden om te blijven op het niet-massale en niet-gestapelde studentencomplex. De eerstejaars die bleven, waren degenen die zich thuis voelden in de Droevendaalcultuur. Dat leidde tot een typische selectie in studierichtingen. Het merendeel studeerde biologie, milieuhygiëne of deed een tropische studie. 90 procent was vegetarisch en de meesten waren meer dan gemiddeld actief in milieu- en natuurorganisaties.

Tot 1991 leven de Droevendalers rustig voort, maar er ontstonden conflicten over het voortbestaan van Droevendaal. De SSHW, de gemeente en de Droevendalers zijn het niet met elkaar eens. Na anderhalf jaar (in 1992) is het eindelijk rond dat deze woonvorm mag blijven bestaan. In 1995 is de woonbestemming definitief. De nieuwbouw kan doorgaan, maar er is wel een programma met eisen geformuleerd, zodat er duurzaam gebouwd wordt.

Wie nu een kijkje neemt op Droef, zal ongetwijfeld wat associaties krijgen met het woord ‘hippie’. Oude tourbusjes wachten je op bij de entree en op het asfalt is een tekst te lezen die een vrijgevochten levenshouding doet vermoeden: ‘Sex, drugs en Droevendaal’. Een jongen met dreadlocks en een ontbloot bovenlijf komt voorbij op zijn longboard. “Hi!”, groet hij vriendelijk. De tuinen die de Droevendalers onderhouden zien er lekker rommelig uit. Op een zonnige dag kom je er studenten tegen die buiten op een matras liggen te zonnen, met harde muziek vanuit hun huiskamer. Een meisje die haar plantjes water geeft en een jongen die zijn fiets repareert, kenmerken de relaxte sfeer van het terrein.

Lisa van der Linde, die nu al vier jaar op Droef woont, vertelt dat Droef een beetje in twee gebieden is verdeeld. “In het gebied waar ik woon, wonen veel buitenlanders. Bij mij in huis woont er bijvoorbeeld een Zweed en een Spanjaard. Het gebied aan de overkant van het pad wordt vooral bewoond door Nederlanders.” 
 
 
                              “Er wonen goedhartige, vrolijke mensen”

Droevendaal zoals het hoort
Veel bewoners zijn blij met Droevendaal. “Droevendaal is zoals het moet zijn”, zegt een Maarten de Winter, een geënquêteerde. “Iedereen is vrij om zichzelf te zijn”, gaat hij verder.
“Dit trekt een diversiteit van mensen aan met allerlei soorten levensstijlen. De tolerante omgeving is een voedingsbodem voor creatieve projecten. Van het maken van kunst tot het geven van cursussen en van eco-vriendelijke projecten tot kleine bandjes in de woonkamer die zorgen voor live muziek op een feest.” Uit het onderzoek blijkt ook dat de Droevendalers elkaar overwegend positief beoordelen. “Er wonen goedhartige, vrolijke mensen”, aldus Suzanne Beek.

                                 “Droevendaal wordt steeds meer een luxe en 
                                       mainstream studentenaccommodatie”


Hoewel de overblijfselen van kampvuurtjes, lampionnetjes in bomen en kippenhokken in tuinen nog steeds duiden op het ‘Droevendaalgevoel’ van 38 jaar geleden, is er toch ook het een en ander veranderd. Waar het boek over de ontstaansgeschiedenis benadrukt dat de Droevendalers veel samen doen en voor elkaar zorgen, is dat voor de huidige bewoners niet vanzelfsprekend.“Droevendaal wordt steeds meer een luxe en mainstream studentenaccommodatie. Meer dan de vrije plaats die het zou moeten zijn. Er zijn meer korte termijn bewoners die dus minder investeren in Droef en de zo belangrijke relaties die deze plaats speciaal maken,” stelt Dirk-Jan de Jonge in de enquête. Ook voelen sommige bewoners zich ingeperkt in hun vrijheid. Laurens Westerveld vindt: “We worden steeds meer onderdrukt door mensen die onze samenleving binnenvallen. We willen een rustig leven leiden, waarin iedereen gelijk is. In het beste geval een samenleving waarin we zelfvoorzienend zijn en geen geld nodig hebben.” Daarnaast vinden sommige Droevendalers nog dat er minder afval zou moeten zijn, dat de geluidsoverlast ingeperkt moet worden en dat er meer diversiteit zou mogen zijn. “Er zijn veel Europeanen en Latijns-Amerikanen, maar relatief weinig Aziaten en Afrikanen,” aldus Michelle Chen.

Geen community
Voor ex-Droevendaler Pepijn den Hartog waren deze veranderingen zelfs gedeeltelijk de reden om te verhuizen. De woonvorm moet namelijk na wijzigingen van Idealis ook beschikbaar zijn voor uitwisselingsstudenten. En na het afstuderen mogen studenten nog maximaal één jaar blijven. “Al deze veranderingen maken het moeilijk om een echte community op te bouwen. Dus weg met deze regels; laat mensen blijven zolang als ze willen, laat er mensen wonen waar je mee samen wilt leven en niet alleen mensen die verbonden zijn met de universiteit. Meer verschillende mensen betekent voor mij meer plezier.”

Maar de meeste Droevendalers laten, ondanks hun verbeterpunten, merken dat ze het ‘Droevendaalgevoel’ nog steeds hebben. Het stereotype beeld dat anderen van hen hebben is deels te verklaren door de geschiedenis en wordt op bepaalde vlakken ook bevestigd, maar het is vooral de diversiteit die de Droefs kenmerkt. Zo denken buitenstaanders dat het grootste deel van Droevendaal vegetarisch is, maar de vleesmijders blijken een minderheid te zijn. Velen denken dat er allemaal hippies wonen, maar verschillende Droevendalers geven aan hier te wonen voor de rust en ruimte en niet omdat ze zich een hippie voelen. Droef wordt omschreven als een hechte community, maar bewoners willen juist dat er meer geïnvesteerd wordt in dit groepsgevoel.
 
 
                             “Droef hoeft niet iets te zijn. Het is zoals het is”

Hoewel het ‘Droevendaalgevoel’ in de loop der jaren misschien een andere inhoud heeft gekregen, bestaat het nog steeds. Want, concludeert een Droevendaler: “Alle verschillen en problemen horen ook bij deze community. Droef hoeft niet iets te zijn. Het is zoals het is”, stelt Michelle Chen.

 

Over de auteur

Heidi van den Bovenkamp