sluiten Cookies

Stel uw persoonlijke cookie-instellingen in. Hou er rekening mee dat bepaalde onderdelen van NieuwsVallei.nl niet of niet optimaal zullen functioneren als u cookies blokkeert.
Lees ons cookie statement voor meer informatie.

Cookies toestaan Cookies niet toestaan

Juf voor het leven

Veertig jaar staat Marjan Norel voor de klas. Dat viert ze deze week. Het feest is extra speciaal, omdat ze het viert op de basisschool waar ze is aangenomen toen ze nog aan de pabo studeerde. ‘Veertig jaar geleden stapte ik op de trein hiernaartoe. En ik ben nooit meer weggegaan uit Scherpenzeel.’

Veertig jaar staat Marjan Norel voor de klas. Dat viert ze deze week. Het feest is extra speciaal, omdat ze het viert op de basisschool waar ze is aangenomen toen ze nog aan de pabo studeerde. ‘Veertig jaar geleden stapte ik op de trein hiernaartoe. En ik ben nooit meer weggegaan uit Scherpenzeel.’

Mijmerend kijkt ze de klas in. Haar klas. Haar ogen dwalen over de tafels en stoelen waar vanmiddag nog kinderen zaten te werken. Een tafereel dat ze dag in, dag uit heeft gezien de afgelopen veertig jaar. ‘Ik zou het doen,’ zegt ze zonder te aarzelen. ‘Ik zou opnieuw voor het onderwijs kiezen. We mopperen best wel eens als leerkrachten, maar het blijft een prachtige baan.  Als ik erover praat, dan hoor ik aan mezelf: dit is mijn vak. En ik had het voor geen goud willen missen.'

De kersverse juf

Toen ik aan de pabo studeerde, woonde ik bij mijn ouders in Nieuwer-Amstel, het huidige Amstelveen. Maar ik wilde er weg, ook al was ik nog niet klaar met mijn opleiding. Mijn opa was schoolhoofd en mijn vader deed veel in de kerk. Ik was altijd dochter of kleindochter van en dat was ik zat. Ik ben gaan reageren op vacatures in vakbladen, overal en nergens. Uiteindelijk werd ik uitgenodigd in Scherpenzeel bij De Bruinhorst. Ik kreeg een eigen groep en mocht na de zomer beginnen.

Als ik terugkijk denk ik; hoe heb ik dat gedaan. Het ging me niet makkelijk af. Ik vond het moeilijk om orde te houden in de groep en ik had natuurlijk ook niet direct veel contacten. Ik woonde bij een oudere vrouw in huis. De mensen met wie ik het meeste contact had waren mijn collega’s en wat mensen uit de kerk. De toenmalige directeur zorgde wel een beetje voor me. Af en toe mocht ik bij zijn gezin komen eten.’

De huidige directeur, Gerrit van den Brink, vertelt: ‘Ik werk  nu ruim twintig jaar op De Bruinhorst. In ons team zijn meerdere mensen die hier al veel langer werken dan ik. Als je zo lang samenwerkt, krijg je een bijzondere band. Marjan is een heel gewaardeerde collega op onze school.’

 'Als ik erover praat, dan hoor ik aan mezelf: dit is mijn vak'

 

Hechte gemeenschap

‘Het is niet moeilijk om hier in te burgeren. Het is een hechte gemeenschap, maar daar kom je wel in als buitenstaander. Het functioneert als sociaal vangnet. In de veertig jaar dat ik hier werk is er natuurlijk een heleboel gebeurd. Er zijn ouders, broertjes en zusjes overleden. Op zulke momenten ervaar ik dat mensen meeleven met elkaar. In 2001 is mijn eigen moeder overleden. Dat was zwaar, maar het was ook een periode geweest waar ik op terug kan kijken en kan zeggen; er waren toen mensen die voor honderd procent voor mij klaarstonden. Mensen weten hier wat belangrijk is. Dat voelt zo warm, een beetje een familiegevoel. Dat is heel bijzonder.’

Het sociale netwerk heeft ook een keerzijde. ‘Anoniem zal ik nooit zijn hier. Op straat en in de supermarkt kom ik altijd wel mensen tegen. Dat hoort erbij en dat vind ik leuk. Maar soms ga ik ook wel eens een straatje om als ik er even geen zin in heb. Het is fijn om soms ook echt even vrij en weg te zijn.’

Kinderen groeien op

Inmiddels gebeurt het regelmatig dat kinderen, die jaren geleden bij juf Norel in de klas zaten, nu hun eigen kinderen naar haar toe brengen. Een van de ouders die dit meegemaakt heeft en was blijven zitten als kind vertelde aan haar dochter: ‘Bij juf Norel was het zo leuk, daar bleef ik twee jaar.’ Lachend zegt Marjan: 'Dan voel je je oud hoor' en ze vervolgt: 'Het is heel apart om kinderen in de klas te krijgen waarvan ik de ouders ook les heb gegeven. Heel apart. Nu raak ik eraan gewend, maar het blijft vreemd.'

'Met sommige kinderen houd je lang contact. Een van de kinderen die ik in de klas heb gehad zal altijd een speciaal plekje in mijn hart houden. Daar heb ik nu nog steeds contact mee. Ik ken hem al vanaf dat hij een jongetje was. Toen hij zijn rijbewijs kreeg, gingen we samen koffiedrinken. Ik mocht de hele dag bij zijn bruiloft zijn en de dag nadat hij vader werd stond ik aan de wieg. We hebben heel veel aan elkaar gehad. Dat maakt het leraarschap zo bijzonder.’

Kerk

'Toen ik aankwam in Scherpenzeel, ging ongeveer driekwart van de klas naar de kerk. Tegenwoordig gaat er driekwart van de klas niet naar de kerk. Sommige kinderen voetballen op zaterdag, sommigen op zondag. Kinderen komen regelmatig met verhalen op school wat ze in het weekend hebben gedaan. ‘Juf, ik heb gezwommen,’ vertellen ze dan bijvoorbeeld. Soms vraag ik dan of dat op zondag was. Niet om ze te controleren, maar het blijft me verbazen.'

'Zelfs hier in Scherpenzeel lopen de kerken leeg. Ik denk niet dat je eraan ontkomt, maar of het goed is… Ik zie de ontkerkelijking op school en dat vind ik soms lastig. Vroeger wisten kinderen waar je het over had als je Bijbelverhalen vertelde. Tegenwoordig hebben kinderen die kennis vaak helemaal niet. Ik vind het een bijzondere taak als leerkracht om ze daarover iets bij te brengen.' 

Ik zie zondag als rustdag. Maar zoveel mensen als er zijn, zoveel meningen zijn er.  Dat merk ik als juf zeker. Wie ben ik om er iets van te zeggen? Daarom wil ik mijn kinderen vooral leren om met respect om te gaan met elkaar.'

Fusie

De Bruinhorst staat aan het begin van een fusie met basisschool De Maatjes uit Scherpenzeel. Er wordt een nieuw schoolgebouw gebouwd waar de scholen in gaan samenvoegen. ‘Aan de ene kant zie ik op tegen de fusie en de verhuizing, aan de andere kan vind ik het ook fijn. Straks hebben we een team van ongeveer dertig collega’s. Dat is zeer welkom. We zijn nu maar met een klein clubje en we hebben veel taken die buiten het lesgeven nog gedaan moeten worden. Dat kan dan beter verdeeld worden. Daarnaast is het veel makkelijker om dertig kinderen in groep vier te hebben dan tien in groep drie en tien in groep vier. Het scheelt een hoop voorbereidingswerk.

 'Ik had het voor geen goud willen missen.'

Na veertig jaar op een ‘nieuwe’ school gaan lesgeven is een grote stap. Juf Norel reageert: ‘Dat we een nieuwe gebouw krijgen is superleuk.  Ik heb echter rugproblemen en daarom is het ook wel lekker om in een vertrouwde omgeving te zijn met mensen die jou goed kennen en weten wat je wel en niet kunt. Wat dat betreft zeg ik; laat mij nog maar een paar jaar hier. Ik heb het hier al veertig jaar naar mijn zin. Ik heb het hier goed.’

Over de auteur

Lola Brouwer