sluiten Cookies

Stel uw persoonlijke cookie-instellingen in. Hou er rekening mee dat bepaalde onderdelen van NieuwsVallei.nl niet of niet optimaal zullen functioneren als u cookies blokkeert.
Lees ons cookie statement voor meer informatie.

Cookies toestaan Cookies niet toestaan

Longread: De tweestrijd

Herman de Graaf ligt klaarwakker in bed. Starend naar het plafond maalt hijĀ over het leven. Wanneer hij links kijkt ziet hij zijn vrouw Anja die eindelijk de slaap heeft kunnen vatten. Ze is zwanger, loopt moeilijk en zit niet lekker in haar vel. Even kijkt hij naar zijn wekker. Het is al 3:00 uur 's nachts en over twee uur moeten de koeien al gemolken worden. Normaal helpt Anja altijd mee, maar deze maanden staat Herman er alleen voor op de boerderij.

Herman de Graaf ligt klaarwakker in bed. Starend naar het plafond maalt hij over het leven. Wanneer hij links kijkt ziet hij zijn vrouw Anja die eindelijk de slaap heeft kunnen vatten. Ze is zwanger, loopt moeilijk en zit niet lekker in haar vel. Even kijkt hij naar zijn wekker. Het is al 3:00 uur 's nachts en over twee uur moeten de koeien al gemolken worden. Normaal helpt Anja altijd mee, maar deze maanden staat Herman er alleen voor op de boerderij.

Geschreven door: Arien van Ginkel, Philip Brouwer, Martijn Bergman, Robbert-Jan Baelde, Tim Bosman

En toch is dat niet waar hij zich zo druk om maakt. Het probleem van Herman is groter. Hij bevindt zich in een tweestrijd. De laatste jaren heeft hij flink geïnvesteerd in zijn bedrijf, maar toch blijft hij rode cijfers draaien. De melk- en de maïsprijs is historisch laag en groot inkopen kan hij niet. Het lijkt alsof er nog maar twee opties zijn. Of, zoals linkerbuurman Johan, zich puur richten op de lokale en biologische markt of, zoals rechterbuurman Piet, een echte ondernemer worden die amper meer in de stal komt. 

Normaal is Herman niet zo’n denker. Wanneer Anja ergens mee zit zegt hij zelfs: "Denken moet je aan een paard overlaten, dat heeft een groter hoofd!” Maar de laatste jaren heeft hij veel om zich heen zien gebeuren. Waar aan de ene kant grote boerderijen nog groter worden, ziet hij veel kleine boeren failliet gaan. En dat laatste wil hij niet. 

Herman is net 34 geworden en zijn eerste zoon is op komst. Zoals elke vader wil Herman goed voor zijn jongen zorgen, net zoals zijn vader dat bij hem deed. Toch wil hij zich in één ding onderscheiden van zijn eigen vader. Als zijn zoon de boerderij op een dag overneemt, moet hij niet hoeven vechten tegen een torenhoge schuld. Want in die situatie is Herman wel achtergelaten. En mede door die schuld moet het roer nu rigoureus omgegooid worden. 

"Vanaf morgen ga ik alles anders doen,” denkt Herman. "Ik neem een kijkje bij zowel Johan en Piet en zal eens vragen wat hun bedrijf zo succesvol maakt.”

 Weiland-2

 

Ontwikkelingen in de boeren wereld

Sinds het ontstaan van de Europese Unie is er veel veranderd in de landbouwsector. Eén van de belangrijkste ontwikkelingen is de toename van zowel de nationale als de internationale handel. Zijn de glorie-jaren van de Nederlandse boer voorbij? Donkere wolken voeren de boventoon, het geraas is vernietigend. Hoe zal het agrarische landschap eruit zien na de storm?  

Bij het ontstaan van de Europese Unie werden invoerheffingen en andere handelsbarrières opgeheven. Het groeiende aantal producenten en de toenemende massaproductie zorgde ervoor dat Nederland de tweede agro-exporteur ter wereld werd. Het aanbod nam toe, maar de verscheidenheid in producten nam af. Supermarktketens eisten de hoogste kwaliteit voor de laagste prijs en de druk op de schouders van de tuinders en boeren werd groter en groter.

 

Export

Twee derde van de Nederlandse agro-productie wordt naar het buitenland geëxporteerd. De boeren zijn gelukkig slechts gedeeltelijk afhankelijk van de Nederlandse supermarkten. Door de lage prijzen op de Nederlandse agrarische markt gaan boeren steeds meer produceren. Hierdoor ontstaan overschotten en zal de vraag afnemen. Dit heeft negatieve gevolgen voor de internationale exportpositie van Nederland en daarmee op de Nederlandse economie.

 

De keerzijde 

Tussen de donkere wolken van de crisis breken langzaam toch weer lichtstralen door. In de Gelderse Vallei bundelen lokale boeren hun krachten samen. Duurzame productie zonder dat het ten koste gaat van anderen. Terug naar een lokale economie waarbij de boer of tuinder zijn unieke producten direct verkoopt aan de plaatselijke natuurwinkel.

Aan de andere kant breiden veel boeren flink uit. Ze bouwen hun stallen om tot 'megastallen' waar ze nog veel meer vee kwijt kunnen. Deze boeren kunnen, doordat ze zo groot zijn, in verhouding goedkoop produceren. Ook bij deze boeren schijnt er licht tussen de wolken door. Er lijkt dus een tweedeling te komen. Een boer moet zich richten op de lokale en/of biologische markt, of hij breidt uit en gaat voor een hogere productie.

 

Opmerkelijk

Hof van Twello, een uitgebreide streekwinkel met vele gewassen en producten uit eigen teelt, is deel van de groeiende vraag naar duurzame en gezonde producten. Dwars door de storm bleef de omzet de afgelopen jaren stijgen met percentages tussen de 5 en 40 procent. De groei komt van binnenuit en gaat opmerkelijk genoeg niet ten koste van anderen. Steeds meer bedrijven delen in de groeiende vraag, maar wel op een bewuste kleinschalige manier met oog voor het landschap en de leefbaarheid.

Onderzoek van de Universiteit Wageningen bevestigt de toename in de vraag naar biologische producten. Vooral in Duitsland en Verenigd Koninkrijk zou de vraag nog verder toenemen. Dit zijn belangrijke potentiële exportmarkten voor Nederlandse producten. Volgens het onderzoek zijn veel ondernemers voorzichtig ten aanzien van een mogelijke overstap naar bio-productie. Ook blijft het spannend hoe de recessie de groei van de vraag naar relatief dure biologische producten zal beïnvloeden.

 

 

De weg naar boer Johan

Terwijl Herman naar de boerderij van Johan loopt denkt hij aan hem. Johan heeft niet zo’n grote boerderij en dat lijkt niet erg aanlokkelijk. Maar toch heeft het ook wel wat. Johan is een idealist. Hij kiest voor een klein bedrijf. Hij hoeft niet te groeien. Voor hem is de lokale markt het belangrijkst. Het is geen vetpot, maar Johan kan er wel van rondkomen. 

 Mooi weiland

 

Als Herman binnenkomt bij Johan begint hij gelijk vol enthousiasme te vertellen over de laatste ontwikkelingen in zijn bedrijf. Johan heeft zich vorig jaar aangesloten bij de Coöperatie Boerenhart. Samen met andere gelijkgestemde boeren begint Johan zijn producten te slijten aan mensen in de buurt. 

"Zelf produceer ik melk, de imker verderop zorgt voor de honing, en sinds kort doet zelfs de molenaar mee. Ook kan ik meel maken van het graan. Als bijverdienste, dat wel. Pieter Vink is de initiatiefnemer van deze samenwerking tussen boeren. Momenteel hebben we eieren, brood, stroop, kruidenmixen, vruchtensappen en verschillende soorten fruit en vlees in het assortiment.”

Vink: “Boeren zijn heel goed in het produceren van hun product. Maar de verkoop is niet hun specialiteit.” Met die verkoop en de promotie helpt Boerenhart. "Zo hebben we met een aantal boeren de afgelopen Kerst gezamenlijk 800 kerstpakketten geleverd. Ook leveren we aan de natuurwinkel, en de plaatselijke Jumbo heeft zelfs een aparte plek in de winkel met onze streekproducten.”

 

“Op die manier is er misschien toch markt voor zulke initiatieven,” denkt Herman.

 

Anneke Ammerlaan, foodtrendwatcher, bevestigt dat beeld in een interview met Nieuwsvallei. Johan is een klein radertje in het grote wiel van de nieuwste trends. Ammerlaan: “Eten heeft nu een heel andere rol dan vroeger. Vroeger at je omdat het nodig was. Het was een samenbindende factor. Nu is er keuze in voedsel. Een onmetelijke keuze.” Volgens Ammerlaan leven we in een wereld waarin voedsel haar betekenis verliest. Doordat mensen niet meer weten waar en hoe het geproduceerd wordt.

 

"Mensen verliezen de verbinding met hun voedsel."

 

Voedselverspilling is daar een gevolg van, denkt Ammerlaan. Het maakt immers wel uit of je weet wat er allemaal moet gebeuren voordat je een boterham kunt eten, of dat je een brood ziet als iets dat de waarde van anderhalve euro vertegenwoordigt.

Lokale en biologische boeren geven mensen het verhaal terug achter het voedsel dat ze eten. En dat vinden mensen belangrijk. In een wereld waarbij je bananen uit Madagaskar, kiwi’s uit Nieuw-Zeeland en rijst uit China allemaal in de supermarkt aantreft, groeit bij mensen tegelijkertijd de behoefte aan voedsel van de eigen bodem. Mensen zoeken de weg terug naar hun voedsel. Ze willen weten hoe hun koe behandeld wordt.

“Toch is het zeker niet alleen maar rozengeur en maneschijn om biologisch te boeren”, vertelt Johan. “Om een goedgekeurd biologisch boeren bedrijf te zijn moet je aan veel eisen voldoen.” De biologische vleeskuikens van Johan hebben meer ruimte dan normale kuikens. Op één vierkante meter zitten maximaal tien kuikens. Johan gebruikt alleen maar langzaam groeiende kippenrassen, zo voorkomt hij dat de beesten te zwaar worden. Zodra de kuikens zes weken zijn mogen ze naar buiten.
 Hier hebben ze de beschikking over minstens vier vierkante meter per kip. Om te zorgen dat zijn dieren ook genoeg rust krijgen, moet Johan volgens de wetgeving zijn stallen minimaal acht uur aaneengesloten donker laten zijn. 

Om ervoor te zorgen dat Johan zich wel aan deze regels houdt komt instituut Skal regelmatig langs op zijn boerderij. Stichting Skal controleert in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken onder andere de kwaliteit, leefruimte en voer van Johans kippen en kuikens. Johan: “Daarnaast moet ik rekening houden met stichting EKO-Keurmerk. Volgens de stichting geeft het EKO-keurmerk aan dat een product gecontroleerd biologisch is en bovendien afkomstig is van een bedrijf dat extra aandacht besteedt aan duurzaamheid."

Biologisch

Toch zit Herman met een prangende vraag. “Vertel mij nou eens Johan, is er nog wel vraag naar jouw biologische producten? Want je verwacht toch dat in deze tijd van crisis dit iets is waar mensen op besparen?”

“Ik zal je vertellen,” zegt Johan, “biologisch eten is populairder dan ooit. Waar het eerst iets was voor de ‘zweverige hippies’ is het momenteel helemaal in. In Nederland is de afgelopen tien jaar de omzet van biologisch voedsel met meer dan 60 procent gestegen tot ruim 1 miljard euro! Veel biologische eters zijn er namelijk van overtuigd dat dit voedsel gezonder voor hen is.”

Herman: “Maar is dit ook echt zo of is het een fabeltje?”

Johan: “Ik zal je een stukje laten lezen dat laatst op www.nieuwsvallei.nl stond.”

 

Britse onderzoekers onderzochten ruim 600.000 vrouwen tien jaar lang. Ze wilde te weten komen of door biologisch voedsel te eten de kans op kanker zou verminderen.. 30 procent at nooit biologisch, 63 procent af en toe, en 7 procent at puur biologisch. Na die tien jaar bleek dat het eten van biologisch eten de meest voorkomende kankers helaas niet kon minderen of verhelpen.

 

Nooit bewezen 

Volgens voedingshoogleraar Jaap Seidell zijn dit soort onderzoeken niet verrassend. “Het idee dat biologische voeding het risico op kanker vermindert, is nooit bewezen. Bestrijdingsmiddelen zijn niet schadelijk in de mate waarin wij ze gebruiken. Ze geven geen aantoonbare gezondheidsrisico's." 

Vet eten en overmatig alcoholgebruik kunnen daarentegen de kans op kanker wel vergroten. Het lastige aan dit onderzoek is dat het alleen op de ziekte kanker is gericht. De algemene gezondheid van de onderzochte vrouwen komt niet aan bod.

Volgens het voedingscentrum is het lastig om aan te tonen of biologisch nu echt zo logisch is. Er is veel verschil in de soorten biologisch voedsel. Daarnaast hangt het ook nog af van het seizoen, regio en gebruikte rassen.

Momenteel telt ons land ruim 3600 biologische bedrijven. Een groot deel van deze bedrijven staat in de Gelderse Vallei. Een onderzoek zoals de Britten uitvoeren zal volgens voedingshoogleraar Martijn Katan niet veel veranderen. "Er zullen mensen zijn die nu afstappen van biologische producten. Maar de meeste mensen kiezen toch voor biologisch omdat het beter is voor het milieu en voor het welzijn van de dieren. Dit onderzoek is dan echt geen reden om te stoppen." 

 

 

De weg naar boer Piet

"Zo kan het dus ook", denkt Herman. Hij loopt terug over de lange weg terwijl de wind waait door de weinige haren die hij nog heeft. Zo’n boerderij als Johan, dat zou hij ook wel willen. Maar realiseer je ook niet van de ene op de andere dag. In de verte ziet hij de megastallen van boer Piet al opdoemen. "Het zal er daar wel anders aan toe gaan dan bij Johan."

Ondertussen staart Piet uit zijn raam, naar de ooit zo mooie weilanden. De cijfers in het Financieel Dagblad zetten hem aan het denken. Hoe zal de toekomst van de boer er uit zien? Dan gaat de bel. “Ha, Herman kom binnen.” Piet en Herman spreken elkaar vaker. Zo weet Piet dat Herman zich al langere tijd zorgen maakt over zijn bedrijf. Herman is veel kleinschaliger dan hij. “Herman, ik zie je weer tobben met wat je met je bedrijf moet, maar neem dit van mij aan: Groter worden is onze enige hoop om te overleven.”

 

Melkplas

In 1958 werd Sicco Mansholt een van de commissarissen in de pas opgerichte Europese Commissie. Hij werkte als landbouwcommissaris aan de modernisering van de Europese landbouw. Subsidiëring van deze landbouw vormde voor Mansholt dé oplossing om de ooit zo winstgevende boerensector opnieuw tot leven te wekken. 

In 1960 werd dit gemeenschappelijke landbouwbeleid uitgewerkt. Concreet betekent dit dat producenten voor hun landbouwproducten gegarandeerde minimumprijzen krijgen. De overschotten werden opgekocht door de overheid. In het begin was dit beleid succesvol, maar al snel werd het aanbod te groot waardoor er grote overschotten waren. Er ontstond een zogeheten melkplas. Gevolg was dat de boeren iedere keer groter moesten worden om niet te verdrinken in de melkplas. De overschotten werden in de derde wereld gedumpt. De lokale boeren in die gebieden werden van de markt gedrukt en konden niet concurreren tegen het zeer goedkope overschot uit de Europa.

Doordat er een overschot was aan melk, daalde de prijs. Om die reden is in 1984 het melkquotum ingevoerd. Dit betekende dat boeren een beperkte hoeveelheid melk mogen produceren. De productie wordt ingeperkt om de boeren een minimuminkomen te garanderen.

Ondertussen is het een drukke boel op het bedrijf van Piet. Binnenkort wordt het melkquotum afgeschaft. Piet besloot 5 maanden geleden al om een megastal te bouwen om hier op in te spelen. Bovendien is het produceren boven het melkquotum zo rendabel dat veel boeren daar wel een, in verhouding, lage boete voor willen riskeren.

 

 

 

 

Megastallen zijn in opkomst. Trouw meldt in 2011 dat het aantal megastallen in Nederland sinds 2005 meer dan verdubbeld is. Op dat moment zijn er zo’n 242 ‘veefabrieken’ ten opzichte van 95 in het jaar daarvoor. In 2010 zijn het er al 575. De megastallen zorgen voor veel verzet bij milieu -en dierenactivisten. Zo voert organisatie ‘Wakker Dier’ voortdurend actie tegen de dieronvriendelijke stallen. 

 

 

 

 

Piet vertelt dat hij niet anders kan doen dan uitbreiden. "Als ik niet mee ga in de groei van de boerenbedrijven doe ik niet meer mee met de 'grote jongens’. Ik verdrink in het enorme aanbod. Hierdoor is het moeilijk om mijn productiekosten terug te verdienen. Niet meegaan in de groei betekent de ondergang voor het bedrijf waar ik zo trots op ben.” 

Het lijkt wel of de geschiedenis zich herhaalt. Net als in 1960 zijn boeren gedwongen om de productie te blijven vergroten. Als het melkquotum straks daadwerkelijk afgeschaft is, zullen veel boeren groen licht krijgen om uit te breiden. Trouw meldt op 30 juni 2014 dat de Rabobank en ING bereidt zijn flink te investeren in de megastallen.

 

Terugtreden
Toen Sicco Mansholt, de commissaris van de EU, na zijn periode als commissaris van landbouw met pensioen ging werd hij sterk beïnvloed door de Club van Rome. Dit is een particuliere stichting die in april 1968 werd opgericht door Europese wetenschappers die zorgen hadden over de onbeperkte groei van onder andere de landbouwsector. Mansholt kreeg spijt van de invoering van de landbouwsubsidies en schaalvergroting. Zijn pogingen om deze ongedaan te maken mislukten, onder andere door verzet van boeren die inmiddels grotendeels afhankelijk waren geworden van de subsidie uit Brussel. Hoe het boerenlandschap er uit had gezien zonder de beslissing van Mansveld zullen we nooit weten, maar zijn twijfels bevestigen wel dat er ook een zwarte kant aan de groei in de landbouwsector zit. 

Op 1 april 2015 is het zover. Het melkquotum wordt officieel afgeschaft. De productiebeperking vindt de Europese Unie niet meer van deze tijd: De vraag naar melk groeit structureel door de stijgende wereldbevolking - zeker in Azië. De melkprijs was de afgelopen jaren erg hoog; tegen de 40 cent per liter. Het melkquotum verhindert Nederlandse boeren om op de toenemende vraag in de wereld in te spelen.

Piet: "Eén van mijn collega’s, Henk Mulder, vertelde laatst wat die afschaffing voor onze sector betekent. Hij is boer in de Gelderse Vallei en wist het mooi te verwoorden.

 

 

 

 

 “Ik begrijp de zorgen van Herman,” vertelt Piet. "Ik wil mijn bedrijf graag aanpassen aan de eisen die de lokale bevolking stelt aan het welzijn van het dier, maar men moet niet vergeten dat daar ook een prijs aan hangt. De belachelijk lage inkoopprijzen van supermarkten drukken zwaar op ons."

 

"Ik heb er slapeloze nachten van gehad.”

 

Het verzet tegen megastallen neemt toe, maar het melkquotum wordt afgeschaft. Verwacht wordt dat door die afschaffing de bouw van megastallen alleen nog maar zal toenemen. De Nederlandse melkproductie zal tot 2020 naar verwachting met 20 procent stijgen. Er zijn meer zorgen. Eén daarvan is een groot overschot aan mest door de toename van het aantal melkkoeien.

Staatssecretaris Sharon Dijksma van Economische Zaken probeert die ongeremde groei van boerenbedrijven tegen te gaan. Het is bijna zeker dat de volgende stap zal zijn om een maximum aan het aantal koeien per bedrijf te stellen. En dan zijn we terug bij af: een nieuw quotum. Zij baseert dat op dit onderzoek.

Piet ziet de toekomst hoopvol in: "De internationale markt trekt aan. Ik hoop dat de prijzen hierdoor zullen stijgen." Hij ziet geen kans in kleinschalige boeren. "De grote zullen de kleinere uiteindelijk van de markt drukken. Zo gaan we steeds meer terug naar de tijd van de herenboeren, waarin een kleine groep rijke boeren met enorme bedrijven, de markt domineert. Het is een risicovolle tijd. Ik zie geen andere kans dan investeren en uiteindelijk levert dat groei op, dat weet ik zeker."

 

"Ik ben trots op mijn bedrijf, het is mijn leven. Daarom durf ik dit risico te nemen. Misschien moet jij dat ook maar doen, Herman.”

 

 

De weg naar huis

Lopend over die lange weg naar huis probeert Herman zijn gedachten te ordenen. Hij heeft veel gehoord, zowel van boer Johan als van boer Piet. Wie heeft er gelijk? Of hebben ze misschien allebei gelijk? Wat Herman wel duidelijk is geworden is dat hij moet veranderen. Zowel Johan als Piet geloven niet dat een eenvoudige boerderij zonder echte specialisatie, zoals die van Herman, niet de toekomst heeft.  

Als Herman thuis komt ziet hij Anja al zitten met haar benen omhoog en haar dikke buik. Hij denkt aan het zoontje dat straks geboren zal worden. Zal hij goed voor hem kunnen zorgen en hem een mooie toekomst kunnen geven? Voor Anja en Herman zelf zou het ook fijn zijn als de zaken wat beter gaan. De komende dagen zal hij met haar overleggen wat ze moeten doen. Waar hij voor kiest weet hij nog niet, maar dat hij iets kiest en het roer omgooit, dat weet hij wel.