sluiten Cookies

Stel uw persoonlijke cookie-instellingen in. Hou er rekening mee dat bepaalde onderdelen van NieuwsVallei.nl niet of niet optimaal zullen functioneren als u cookies blokkeert.
Lees ons cookie statement voor meer informatie.

Cookies toestaan Cookies niet toestaan

Hoe divers is Lunteren?

Lunteren - Hoe ervaren Lunteranen de voorzieningen in hun woonplaats? Zijn er genoeg restaurants, cafeetjes en afhaalrestaurants? Na diverse Lunteranen gesproken te hebben, kunnen we concluderen dat mensen in Lunteren erg tevreden zijn met de voorzieningen in hun dorp.

De afgelopen weken is de redactie Lunteren meermaals het dorp ingeweest om de diversiteit van Lunteren te ontdekken. Afgelopen week zijn we nog één keer naar Lunteren gegaan om met de inwoners over diversiteit te praten. 

Dit artikel is in twee delen gesplitst. Het eerste deel gaat over de voorzieningen in Lunteren, het tweede deel (vanaf het tussenkopje 'Vette spek') gaat over de eetgewoonten van Lunteranen. 

Lunteraan Coby vertelt: ‘’Ik vind dat er genoeg restaurantjes zijn, er zijn veel mogelijkheden om ergens te kunnen eten of gezellig wat te drinken. Het enige punt is dat er geen audio- en witgoedwinkel is. Dit zou wel een pluspunt zijn voor Lunteren en is daarom nu een gemis.’’  

Jongeren zijn ook tevreden over het dorp en geven aan niet veel te missen. Alleen zou er volgens sommigen meer sportgelegenheden moeten komen, zoals een verwarmd binnenzwembad. Qua uitgaansmogelijkheden is er niet veel in Lunteren, maar dit vinden jongeren niet zo erg. Ze geven aan wel naar Ede of Barneveld te gaan voor een avondje uit. Er is bijvoorbeeld ook een overvloed aan kappers, supermarkten en sport- en spelclubs. 

Lunteranen zijn blij om in Lunteren te wonen. Het enige wat zij jammer vinden is dat er niet veel gezellige terrasjes zijn waar je even wat kunt drinken. Er staan veel panden leeg dus wellicht is dit een mooi initiatief voor de toekomst.

Tevreden over Lunteren

Een medewerker van de Rabobank uit Lunteren laat blijken dat hij wel te spreken is over het dorp. “Qua restaurants is hier genoeg en er zijn ook wel wat kroegjes te vinden," zegt de man die in zijn pauze gestoord wordt. Toch begrijpt hij wel dat Lunteren voor jongeren niet zo aantrekkelijk is. “Voor jongeren is er niet veel, eerlijk gezegd. Als je uit wilt gaan kan ik me voorstellen dat je dat liever in bijvoorbeeld Ede doet dan in Lunteren.”

Op een bankje zit een vrouw rustig te eten. Vanwege het warme weer en een gevoel van duizeligheid heeft ze besloten om een broodje te kopen en lekker in de schaduw te zitten. Ze gaat zo naar haar dochter in het centrum van Lunteren toe, maar wil nog wel wat vertellen over de voorzieningen in Lunteren. “Ik denk dat alles er wel is. Ik zou niet weten wat ik moet missen in Lunteren. Ik ben eigenlijk wel tevreden met alles in Lunteren.” 

Een klein dorpje heeft niet alles

Op de terugweg komen we de 19-jarige Bob tegen. Hij mist wel degelijk het een en ander in zijn dorp. “Er zijn weinig restaurants hier die in de vorm van perfect zijn, waar je gewoon met de hele familie kan zitten”, zegt Bob die ook wat argumenten heeft voor zijn mening. “Ik vind het allemaal een beetje simpel neergezet. Het is niet veel stijl en detail. Ik zou wel graag een paar restaurants anders willen zien.”

Desondanks begrijpt Bob best dat het niet heel goed is gesteld met de voorzieningen in Lunteren. “Ik denk dat het gewoon komt omdat Lunteren vrij klein is. Het heeft nog geen 15.000 inwoners en dat is best weinig. Ik denk wel dat er nog meer restaurants neergezet kunnen worden hier, maar dat zie ik in de toekomst nog niet echt gebeuren."

Ook mist Bob een elektronicawinkels in Lunteren: "Je hebt hier best veel supermarkten, maar geen Elektronicawinkels. Je hebt hier veel kappers, maar er is bijvoorbeeld geen mediamarkt waar je mobiele telefoons kan kopen." 

 

Zoals wij eerder ook al opmerkten bij het dorpsportret van Lunteren zit het qua uitgaansmogelijkheden niet best in Lunteren. “Je hebt hier wel wat barretjes, maar dat is niet echt voor jongeren; meer voor de wat oudere Lunteranen. Dat trekt niet echt mensen van omliggende dorpen aan.”  

 

Hoe zit het met de eetgewoonten van de Lunteranen?

Vette spek

Er werd veel etenswaar uit eigen tuin gehaald. De ‘greuntetuin’ was ‘vrogger’ niet weg te slaan uit het alledaagse leven. Bij elk huisje hoorde een groentetuin, want de mensen moesten immers zelf voor hun groenten zorgen. Maar die groentetuinen zijn – helaas – vertrokken. Hetty de Vries-Rozendaal vertelt in ‘Sloa mit karnemelksjuu’ dat mensen vandaag de dag nauwelijks eten; alles moet snel en makkelijk klaar zijn. En ‘gezond’ komt op de tweede plek. ‘Weet je wat ik noe meroakel lekker vien? Sloa mit karnemelksjuu en uutgebakke spek’, schrijft De Vries-Rozendaal. Een nostalgisch recept, wat in de zomer op het platteland veel gegeten wordt. Benieuwd hoe je het bereidt? 

Sloa mit karnemelksjuu 

Wajje nodig het:

-       Eerepels
-       Sloa
-       Een uutje of biesloek
-       Karnemelk
-       Deurrege rookspek

Je begin mit de eerepels te schelle, wasse, an de kook brenge en een halluf uurtje loate koke. In tussetied kujje mooi de sloa wasse en in stukke plukke. Et uutje snippere of de biesloak fiensnieje en in een schoaltje menge mit wat olie, azijn en mayonaise. Dan de sloa d’r deur scheppe, dat is alvast kloar. Bovenop de sloa kujje gerust een poar gekookte scharreleitjes doen, dat is altied lekker en houdt de gloresterol op peil.

De eerepels koke ondertusse nog steeds veurdan. Da’s mar goed ok, waant de karnemelksjuu mot nog kloar. Per eter mojje zo’n kwart liter karnemelk rekene, dan zit je nooit veer mis. Gooi een kwakje bloem onderin een ruume pan. Zo um en noabie 75 gram op een liter karnemelk. Dit mit de gard goed deurreure. Dan op et vuur zette en um de hoaverklap stevig blieve reure. Et spul zal zeutjesan an de kook komme. Dat veul je zo an de gard: et reure goat zwoarder en zwoarder en et goat ploffe onderin de pan. Da’s een goed teke: effe loate deurkoke, mar blieve reure, aanders braand et an. Zet et vuur dan zeutjes en tuit bie et dikke papje in de pan de aandere helft van de karnemelk. Effe goed deurreure, deksel op de pan en op zacht vuur veeder verwaareme. Helemoal an de kook hoeft et nie te komme, wel de sjuu of en toe deurreure.

Ondertusse in de koekepan de spekblukjes op heet vuur bakke. Geregeld umscheppe tot ze lekker hard en knapperig bin. Doe d’r gerust wat peper en zout bie, da’s lekker pittig. De eerepels, karnemelksjuu en spekjes motte ongeveer tegeliek kloar weze. Mit dat et etestied is kiep je de bruungebakke spekblukjes mit uutgebakke spekvet in de pan mit karnemelksjuu. Et zal effe heftig bruuse, mar da’s een teke dat et perfect is gesloagd! Eet smakelijk! En et duurt mar effe of je weet d’r van mee te proate: niks wat d’r lekkerder is al sloa mit karnemelksjuu en uutgebakke spek!

Bron: Sloa mit karnmelksjuu: zoemerse verhalen in Veluws dialect, Heintje uut De Valk, p. 33

Mevrouw A. Vaarkamp zegt dat ze gebruikelijk aardappelen, vlees en groenten peuzelt. Soms met rijst of ‘eigen’ groenten uit de tuin. Ook wordt er in Lunteren veel rauwe raapstelen gegeten en - volgens Vaarkamp op het plattenland standaard - sla met bruine bonen en veel spek. Nadat de oorlog voorbij was en de welvaart weer toenam, kocht men iedere dag een stuk – lekker vet – vlees. Want wie hard werkte, moest ‘goed’ eten. Een vette huzarensalade ging zo vele malen over de toonbank.

De winter doorkomen

 Veel Lunteranen geven ‘hun’ groentes een andere naam zo heet boerenkool zwartmoes. Volgens ‘de boer met petje’ – dat is hoe hij genoemd wilt worden – eet ‘de’ Lunteraan 'toddemoes' (witte kool door elkaar geroerd), boerenkool en snijbonen. Maar wanneer de ‘wintertied’ ingaat en de wollen sokken en zelfgebreide truien uit de kast worden gehaald, eet hij zure kool met spek. Ze moeten ’s winters immers veel eten en iets wat lekker vult. Ook hete bliksem, stamppot met veel spek en eventueel granenpap, karnemelkjus met andijviestamppot en vette spek, ‘balkenbrij’ (een goedkoop boerengerecht, wat lijkt op een plak ham), erwtensoep en gort kunnen we aan het rijtje van ‘winterse kost’ toevoegen.

Een écht Lunters gerecht

Een jaar of tien geleden introduceerde Henk van Beek de ‘Lunterse Meuk’. Tijdens zijn vakantie in Drenthe ontdekte de ‘uitvinder van de Lunterse boerenkool’ een smullend succes. In een grote koekenpan gooide hij verschillende ingrediënten: spek, ui, paprika, bruine bonen, piccalilly en gehakt. Tijdens de Oud-Lunterse Dag en de kerstmarkt stond hij de nieuwe vondst uit grote pannen uit te delen. “Lunteranen vroegen daarna massaal: ‘Wanneer komen jullie weer met de Lunterse Meuk?’.” Maar ‘echt’ Lunters is volgens Kees Dijkhuizen, eigenaar van de Lunterse Beek, het roken van vis – zoals makreel en haring – door ze in schoorstenen te hangen. “Er werd vroeger veel zoute vis gegeten. Dat was omdat ze in de ‘boerengehuchten’ geen diepvries hadden.” Vaarkamp voegt daaraan toe dat het nu is: “koken, invriezen en weer opbakken”. 

 

Zie hieronder de kaart voor alle verhalen die wij geschreven hebben over Lunteren.