sluiten Cookies

Stel uw persoonlijke cookie-instellingen in. Hou er rekening mee dat bepaalde onderdelen van NieuwsVallei.nl niet of niet optimaal zullen functioneren als u cookies blokkeert.
Lees ons cookie statement voor meer informatie.

Cookies toestaan Cookies niet toestaan

“Boliviaans of Nederlands? Ik ben wereldburger!”

Marisabel Pardo (51) kwam op haar 37e naar Nederland en heeft inmiddels haar eigen stichting ‘Tinku’, ze zette in Wageningen een internationaal koor op en organiseert dit jaar de tweede internationale poëziewedstrijd in de bibliotheek. Daarnaast hoopt ze – na de recente verkiezingen – de plek van raadslid in de Wageningse gemeenteraad namens Groen Links in te nemen. Dit allemaal om het vervullen van haar grootste passie: mensen met elkaar verbinden. “Ik ben een verbinder.”

Gelijke kansen

In Wageningen vond Marisabel Pardo de plek om haar studie Sociologie aan de WUR af te maken en samen met haar man en oudste zoon hun gezin verder uit te breiden. Inmiddels hebben ze samen drie kinderen en voelt ze zich helemaal thuis in Wageningen. Hier zet ze zich in voor een inclusieve samenleving. Een visie die goed lijkt te passen in de multiculturele studentenstad. Marisabel: “Iedereen hoort gelijke kansen te krijgen, ongeacht je afkomst. Buitenlanders gaan hier naar de universiteit en halen hun master, maar kunnen maar moeilijk aan een baan komen, omdat ze de taal niet helemaal beheersen.” In de strijd voor gelijkheid ziet zij Wageningen als haar pilot project. “Om een voorbeeld te stellen voor de rest.” Verklaart ze.

Marisabel Pardo Tinku

“Wageningen is mijn pilot project”

 

Een internationaal koor, waarin mensen van verschillende culturen bij elkaar komen om met elkaar te zingen en te ontwikkelen. De Latijns-Amerikaans/Nederlandse  vereniging ‘OLAH’ en haar recente intrede in de lokale politiek zijn duidelijke voorbeelden van haar sociale bijdrage in Wageningen. “Mensen kunnen met een basisniveau Nederlands, maar met een uitstekende beheersing van hun eigen taal, heel ver komen in die communicatie. Taal is maar een kleine barrière, maar het wordt als heel groot gezien”, constateert de socioloog.

“Está aquí”

Ook thuis hoort taal geen barrière te zijn. “thuis spreek ik ook gewoon Spaans met mijn kinderen, behalve als er iemand bij is die de taal niet spreekt. Nederlands spreken ze met hun gehele omgeving. Wat als ze opa en oma gaan opzoeken in Bolivia en geen Spaans zouden kunnen? Ik vind het belangrijk om met je ‘roots’ in contact te blijven.” Intussen vraagt haar dertienjarige zoon  – in het Nederlands – waar zijn koptelefoon ligt. “Está aquí”, wijst Marisabel hem naar de kast.
De voor haar zichtbare taalbarrière leidde tot het oprichten van Tinku, waarmee ze vrijwilligerswerk verricht in Latijns Amerika. Marisabel geeft taalles aan vrijwilligers die komen werken in onder andere Bolivia en Peru. “Ik wil voorkomen dat zij slechts komen om hun werk te doen en weer vertrekken. De basiskennis van de gesproken talen geeft ze de kans om een band op te bouwen met de mensen, te leren van hun cultuur. Daarbij vragen we ze ook hun verhalen op te schrijven. Dan kom je écht ‘rijk’ terug, met veel belangrijkere waarden dan geld. In Bolivia spreken ze niet alleen Spaans, ook de Quechua-taal komt nog veel voor, met name op het platteland”.

Marisabel Pardo Tinku Bolivia

Voorbeeldig voorbeeld

Marisabels verlangen om ook in Bolivia een eerlijkere samenleving te creëren bloeide al eerder op dan haar Nederlandse droom. “Ongelijkheid is overal, ook in Bolivia. Van mijn vader leerde ik naar het sociale welzijn te kijken. Hij zei dan: ‘Marisabel, kijk om je heen, zie jij ongelijkheid in jouw omgeving?’, en dat was er zeker. Men leert het beste van concrete voorbeelden”.
Voor en na haar studie werkte zij voor verschillende NGO’s. In het Amazonegebied ontmoette ze haar man, die op dat moment voor dezelfde NGO vanuit Nederland werkte. Marisabel werkte voor een groot NGO in Bolivia, wiens projecten gefinancierd werden door Oxfam Novib. “Na een bezoek aan Nederland: ‘wauw, daar wil ik gaan werken, aan de andere kant van ontwikkelingssamenwerking!’, “ik had toen al plannen om in Nederland te wonen en studeren. Ik solliciteerde er uiteindelijk twee keer. Drie maanden later mocht ik op gesprek komen. Ik was ontzettend zenuwachtig, maar nog gemotiveerder!”, herinnert ze zich nog.

Marisabel Pardo Tinku Folder Bolivia

Nederland

Zo kwam Marisabel dus te wonen en werken in Nederland. Haar werk maakte haar blij, maar nog niet gelukkig. “Uiteindelijk is geld het belangrijkste voor deze projecten, waardoor het maatschappelijke op de achtergrond komt. Dat was voor mij het teken. Ik wilde zelf een organisatie oprichten. Dat werd Tinku. Nu haal ik elk jaar zelf geld op om de projecten te kunnen financieren. Dat levert niet veel geld op, wel veel geluk!”, daarnaast heeft ze haar man die haar maar al te graag steunt. “Hij heeft me altijd gemotiveerd om te doen waar ik van houdt. Andersom geldt dat natuurlijk ook. Dat is de grote kracht in onze relatie”, zegt ze trots. In de toekomst wil ze vooral haar passie blijven uitoefenen en groeien. “Ik wil uitbreiden in Latijns-Amerika en ook mijn werk in Nederland meer aandacht geven, zoals de opkomende poëziewedstrijd. Het is de bedoeling dat daar elk jaar meer mensen op af komen. Poëzie verbindt mensen. Als iets vanuit je hart komt, is het altijd goed”, besluit de wereldburger.