sluiten Cookies

Stel uw persoonlijke cookie-instellingen in. Hou er rekening mee dat bepaalde onderdelen van NieuwsVallei.nl niet of niet optimaal zullen functioneren als u cookies blokkeert.
Lees ons cookie statement voor meer informatie.

Cookies toestaan Cookies niet toestaan

Het verhaal achter de villa

 

Gebouwd door een telg uit een welgestelde handelsfamilie, bewoond door verscheidene Edese burgemeesters, geconfisqueerd door de NSB en gebruikt als wietkwekerij. Er gaat een verbazingwekkend rijke geschiedenis schuil achter de met houten ornamenten versierde deur van villa De Hooge Paaschberg in Ede.

''Het pand heeft ooit de status van gemeentelijk monument gekregen, maar dat heeft ons bij de aankoop niet tegengehouden'', zo vertelt bewoonster Jeltje Gieles. ''We (het gezin, red.) reden hier al vaker langs en vonden het altijd zonde dat zo’n mooi pand leegstond. Op een gegeven moment ontdekten we dat het pand bij de curator lag en na enkele gesprekken zijn we overgegaan tot aankoop.''

De Hooge Paaschberg wordt in 1915 gebouwd door Anne Willem van Eeghen, afkomstig uit de bekende handelsfirma Van Eeghen en Co, om hier te kunnen ontsnappen aan het drukke Amsterdam. Zijn goed gevulde portemonnee gebruikt hij deels om verscheidene Edese instellingen te ondersteunen. Hij is vrijgezel, net als zijn zuster Anna Cecilia van Eeghen, en beide familieleden besluiten samen de villa te betrekken.

 
1915: Villa de Hooge Paaschberg in aanbouw
Foto Gemeentearchief Ede, [HME 370020]

Werk aan de winkel

 ''Qua staat mochten we al niet klagen. De vorige eigenaar heeft het pand aan de buitenkant goed onderhouden door het dak stevig onder handen te nemen en nieuw glas te plaatsen. Dit heeft de binnenkant, gelukkig, beschermd tegen wind en regen. Deze was echter wel volledig gestript en kaal.''

Op 12 juli 1938 overlijdt Anne Willem. De villa staat even leeg, maar vindt op 5 juli 1939 in burgemeester Leopold Roland Middelberg een nieuwe bewoner. Lang zal hij er niet blijven. Op 7 april 1941 wordt Middelberg afgezet en zijn functie wordt overgenomen door NSB-burgemeester Theodorus Christiaan van Dierendonck. Middelberg brengt de rest van de oorlog in gevangenenkampen door en de villa wordt door de NSB geconfisqueerd.

''Aan de binnenkant moest dus nog veel gebeuren, maar ook de buitenzijde was nog niet helemaal naar onze smaak. We mistten een serre en toevallig was de vergunning hiervoor al door de gemeente aan de vorige eigenaar verstrekt. Er werd zodoende niet moeilijk gedaan, ik denk dat de gemeente daarnaast ook erg blij was dat er eindelijk iemand wilde investeren in het pand. De aanbouw is qua uiterlijk dan ook het enige wat niet 'historisch correct' is.''

Sierlijk schuurtje

''Want'', zo gaat Jeltje verder, ''we hebben de geschiedenis van het huis bij de verbouwing verder nauwlettend in de gaten gehouden. Zo hebben we aan de achterzijde een fietsenschuurtje laten bouwen. Een dergelijk schuurtje stond er in de beginjaren van het huis ook, dat konden we zien op de tekeningen. Hoewel hij nu een ander doel dient hebben we dat schuurtje wel weer in ere hersteld, dat is wat telt.''

Na de oorlog wordt het pand nog enkele jaren gebruikt als burgemeesterswoning. Op 15 april 1950 vindt het eerste landelijke Youth for Christ-centrum er onderdak. Daarna heeft het pand nog verschillende bestemmingen. Zo is het een woonhuis voor een man uit Groot-Brittannië, een opvang voor kinderen, worden er cursussen gegeven en wordt het een tijdje bewoond door antikrakers. 

    Eén van de vele bestemmingen: een ruimte voor een congres voor tweelingen in 1966
                                          Foto Gemeentearchief Ede, [GA 36070]


''Voor ons brengt de monumentenstatus eigenlijk maar weinig nadelen met zich mee'', aldus Jeltje. ''We merken tot op heden bijzonder weinig van de kosten, misschien is dat ook wel een beetje vertroebeld doordat we zaken als het schilderwerk aan de buitenkant mee hebben genomen in de toch aardig hoge verbouwingskosten. Sterker nog, we merken dat het wonen in een monument zelfs enkele voordelen met zich meebrengt.''

''Zo kunnen we subsidie aanvragen bij de gemeente voor zaken die het historische aspect van het huis behouden. Een voorbeeld is de recente restauratie van een schilderij dat boven de haard hangt. Het schilderij is gemaakt door ene Anna Catharina Maria van Eeghen, waarschijnlijk dus familie van de eerste bewoner van het huis. Met de restauratie is een stuk historie behouden en wij hebben iets prachtigs om naar te kijken, zo is iedereen tevreden.''

Prima voor plantage

Het is echter niet al goud wat blinkt. Op momenten dat het pand leegstaat maken verschillende krakers van de gelegenheid gebruik om zo een dak boven hun hoofd te hebben. In 2011 en 2012 haalt de toen leegstaande villa het nieuws omdat het onderdak bleek te bieden aan een grootschalige wietkwekerij. In 2014 krijgt de villa dankzij de familie Gieles weer zijn oorspronkelijke functie van woonhuis terug.

'Er moet wel geleefd kunnen worden'

''Het pand was al een gemeentelijk monument toen wij het kochten, maar we hebben nooit overwogen er een rijksmonument van te maken. Qua subsidie krijg je het dan veel breder, maar naast een monument is het ook gewoon een leefruimte. De status van rijksmonument brengt veel extra regels met zich mee en dat hoeft voor ons niet. Er moet wel geleefd kunnen worden.''

De oplettende lezer heeft misschien al gemerkt dat het huis dit jaar honderd jaar bestaat. ''Maar'', zegt Jeltje, ''we zijn niet van plan een jubileumfeest te geven. We hebben een drukke verbouwing en verhuizing achter de rug en op een gegeven moment ben je gewoon blij dat je rustig kunt gaan wonen. Dat feestje komt vast nog wel een keer, maar voor nu vinden we het wel prima zo.''